Stichting Hoochhoutwout biedt u het heden en het verleden van de (vroegere) gemeente Hoogwoud (Hoogwoud, Aartswoud, De Langereis, De Gouwe, De Weere). De Stichting Hoochhoutwout heeft als doelstelling om de (vroegere) gemeente Hoogwoud in al haar facetten te belichten.

Feest Courant 1945

Door Adriaan Wegdam

In de Feestcourant was onderstaand verhaal opgenomen, dat Adriaan Wegdam schreef over de gebeurtenissen in de dorpen in de oorlog. Verder o.a. de volgorde van de deelnemers aan de optocht en heel veel advertenties. We hebben daaruit een selectie gemaakt van bedrijven die nog bestaan of die de meesten van ons nog hebben gekend.

 

Mensen in nood

Het was een druilerige dag in de laatste, de verschrikkelijkste oorlogswinter. Vele van de Westfriese dorpen leefden onder hoogspanning. Weer knetterden die dag de schoten van geweren en stens. Een gevecht tussen K.P. en Groene Politie. Een sten weigert. Enkele verloren ogenblikken. Een kogel van den vijand snerpt, treft doel. Gelukkig slechts een lichte verwonding.

De strijd gaat door. In de hevige zenuwspanning wordt niets opgemerkt. De aftocht gelukt, maar de verwonding doet zich gevoelen. Het been verstijft. Toch fietsen. De spierkracht neemt af. Een huis. Redding? Slechts voor enkele ogenblikken. Houden kunnen zij hem niet. Te gevaarlijk! Nog eens geprobeerd! Hetzelfde liedje.

Dan maar naar een kennis in Hoogwoud, opgeduwd door een welwillenden fietser. Daar wordt de gewonde liefderijk opgenomen en verpleegd, enkele dagen. Maar het spoor is te duidelijk. Dat kan noodlottig worden. De L.O. Hoogwoud wordt ingeschakeld en in de late avond wordt de gewonde vervoerd. Zijn gastheer weet niet waarheen, zijn nieuwe gastheer weet niet vanwaar hij komt. Elk spoor is verdwenen.

Nu na de bevrijding ligt Hoogwoud er nog zoals vroeger. Zijn torens wijzen nog in de lucht. Geen ruïnes van huizen. Het water, dat de Wieringermeer verwoestte, hield stil aan de grenzen van het dorp. Heeft Hoogwoud dan ongemerkt de oorlog langs zich heen laten gaan? Is er niets gebeurd tussen de ringvaart van de Langereis en het houten torentje van Lambertschaag?

Ja, toch, veel is er voorgevallen; grote dreigingen hebben er gehangen, maar het meeste werkte door in het verborgene. Een sluier van zwijgzaamheid spreidde zich onopvallend over vele gebeurtenissen.

Waarom zouden wij niet een tipje van die sluier oplichten, nu Hoogwoud gaat beginnen zijn bevrijding feestelijk te vieren?

De inwoners mogen weten, dat “mensen in nood” hier terecht konden. Want een grootse samenwerking van de meesten onder ons bracht dit tot stand. Enkelen waren in de gelegenheid meer te presteren, ook dat mag men weten.

Op een winteravond werd schrijver dezes gestoord in een verjaardagsfeestje van een kennis. “Kom even apart! Een noodbericht uit Aardswoud.” Zeven mensen van Joodsen huize zwerven op straat.

Arrestaties van Joden in een andere gemeente, die bekend waren met de adressen van dezen, maakte vluchten noodzakelijk. Maar wie wilde in November 1943 nog Joodse mensen opnemen in zijn huis? Geen uitzicht op onderdak. Rond blijven zwerven zou arrestatie tengevolge hebben. Mensen In wanhoop! Zat de organisatie van Hoogwoud met de handen in het haar? Na een gefluisterd, gesprek met lange stiltepozen er in, valt de beslissing.

Vannacht alle zeven personen in de toren van Aardswoud. Morgen gaan wij er op uit, elk naar enkele adressen. Door stromende regen trokken twee dagen lang een paar personen rond, het ene huis in, het andere weer uit. Na twee dagen succes. Allen zijn voorlopig geborgen. Voorlopig. Het zoeken en trekken duurt voort. Na veertien dagen precies hebben alle zeven personen een vast adres. Zeven mensen gered uit de wanhoop. Met Kerstmis herinnert een kostelijke Kerstkrans van banket enkele personen aan de ontroerde dankbaarheid uit zeven harten.

Veelvuldig was het menselijk leed, maar veel leed ook is voorkomen en verzacht. Velen juichten bij het horen van de dappere sabotagedaden door Hollanders gepleegd. Toen de N.S.B.-burgemeester van Wormerveer zijn intocht hield, ging het gemeentehuis voor zijn ogen in vlammen op. Wij lachten. Prachtig! Maar mooier was het, dat een Hoogwouder familie den saboteur, die gezocht werd, met zijn familie van vier personen opnam. Mensen in nood waren gered. Velen werden zo door de hulp van Hoogwoud behouden. Met zekerheid is vast te stellen, dat minstens 154 personen door de organisatie van Hoogwoud op een of andere manier werden geholpen. Daar echter niets is opgetekend, mogen wij aannemen, dat dit getal beslist te laag is. En er zijn ook personen geholpen zonder bemiddeling van de organisatie. De grondslag van de organisatie werd gelegd in December 1941, toen de Nederlandse Unie werd opgeheven. Contact was er toen reeds met H. Leeuw (schuilnaam H. de Vries), die in September 1944 met een opdracht van de regering Engeland-vaarder werd.

Toen in Januari 1942 de inlegvellen werden ingevoerd, schakelden wij de distributiedienst van Spanbroek in voor het clandestien verstrekken van deze papieren. Deze dienst zal hierdoor wel een van de allereerste zijn geweest, die op dit gebied medewerking verleende. Door deze affaire werd het contact van Hoogwoud met H. Leeuw weldra wekelijks en werd spoedig uitgebreid met het verschaffen van valse papieren, het plaatsen van Joden en politieke vluchtelingen (arbeidsinzet was er toen nog niet). Toen in Augustus 1943 de L.O. (Landelijke Organisatie voor hulp aan onderduikers) werd opgericht, was de afdeling Hoogwoud dus al bijna twee jaar onafhankelijk werkzaam.

Alles liep prachtig tot Augustus 1944, de gevaarlijkste maand voor de organisatie van Hoogwoud. 9 Augustus brachten arrestaties in Spanbroek van personen met onze Organisatie verbonden, ook hier de zaak aan het wankelen. De bal rolde echter niet verder. Eind Augustus inval van twee landwachters op de Langereis. Zij hadden met ’n beetje geluk wel 8 personen kunnen arresteren, maar de vrouw des huizes redde onverstoorbaar de situatie. In dezelfde week werd een K.P.-er gepakt, die zich zelf weer bevrijdde. Het persoonsbewijs bleef in handen van de landwacht. Dit was een persoonsbewijs uit het register van Hoogwoud. Wie op de secretarie wist hier iets van? Al spoedig werd het duidelijk, dat de ambtenares wel inlichtingen zou kunnen geven. Dat zou voldoende reden zijn voor arrestatie met alle gevolgen voor de organisatie.

Zonder veel opzien te baren verdween de ambtenares naar Blaricum, waar een villa staat aan de Eemnesserweg. Daar kwam zo nu en dan een telegram binnen: een koffer verzonden uit Hoogwoud (of andere plaats). Dan wist de eigenaar, dat hier in de omgeving een ambtenaar werd achtervolgd. Dit was de speciale weg, die onze afdeling bezat, voor elken ambtenaar, die hier zou moeten duiken. Dezelfde middag, toen deze zaak was opgelost, werden op de distributie de bekende arrestaties verricht. Weldra bleek toen, dat van de organisatie van Hoogwoud en Spanbroek in Scheveningen zoveel bekend was geworden, dat nieuwe arrestaties zouden volgen. Op Dinsdag 5 September startte een auto met rechercheurs uit Scheveningen op weg naar Hoogwoud en Spanbroek. Deze dag was de Dolle Dinsdag, die zo dol werd, dat de betrokken auto niet verder kwam dan Alkmaar en toen hals over kop terugkeerde. De heren rechercheurs op hun beurt gingen onderduiken voor de Geallieerden na vrijlating van hun gevangenen.

De gevaren van de afgelopen winter hoeven niet te worden geschetst. Deze zijn wel algemeen bekend. Zo werkte de organisatie van Hoogwoud met hulp van zeer velen uit de bevolking, waardoor succes mogelijk was. Alle takken van het ondergrondse werk moeten wij vooral zien als de middelen om mensen te behouden voor het Vaderland en de Vrijheid, ze te behoeden voor ondergang en dood.

Dorskassen gingen in vlammen op om het graan te behouden voor de wrede winter; voorraadschuren werden van hun opslag ontdaan terwille van ziekenhuizen en noodlijdenden. Misschien zijn er wel een enkele maal ongerechtigheden voorgevallen, zoals zo dikwijls is beweerd, maar wij kunnen getuigen, dat dit hoge uitzondering bleef en met ons weten het velen uit Hoogwoud en Opmeer (dat een onderdeel vormde van onze organisatie), die ontvingen van onze voedseluitdelingen.

 

Heel veel is door het publiek verkeerd beoordeeld, maar feiten spreken een taal, die overtuigender is dan alle geroddel. Wij kunnen zeggen, dat alle ondernemingen van de ondergrondse werkers en strijders werden bepaald om mensen te helpen, die in nood verkeerden. In de dagen van de bevrijdingsfeesten kunnen wij als bevolking van Hoogwoud met voldoening terugdenken aan wat wij allen in samenwerking hebben bereikt voor het grote doel: DE BEVRIJDING!

A. W.

 Website designed and build by

deanluma logo shade xsmall